Ik kies kwaliteit
Een borstvergroting is geslaagd wanneer het resultaat bij het lichaam past, natuurlijk beweegt, voldoende door het eigen weefsel wordt bedekt en ook na verloop van tijd geloofwaardig blijft. De vraag is daarom niet hoeveel volume in een borst kan worden geplaatst. De vraag is hoeveel volume de borst op een verantwoorde manier kan dragen.
Een goed resultaat op lange termijn begint niet tien jaar na de operatie. Ze begint tijdens de analyse vóór de operatie.
“Een natuurlijk resultaat ontstaat niet wanneer een borst zich aan een implantaat moet aanpassen, maar wanneer het implantaat zich aan de borst aanpast.”
Het eigen weefsel bepaalt de grenzen
Geen twee borsten zijn identiek. Zelfs bij dezelfde vrouw verschillen links en rechts vaak in volume, borstplooi, tepelstand of huidkwaliteit. Er kunnen tekenen zijn van verslapping, een vernauwde onderpool, een tubereuze vorm, een prominente borstkas, een dunne huid of duidelijke asymmetrie.
Deze kenmerken bepalen samen welk type en merk implantaat, positie en operatietechniek geschikt kunnen zijn. Soms is een relatief zacht en beperkt implantaat voldoende. Soms is meer vormstabiliteit nodig. Soms kan aan elke zijde een verschillende maat aangewezen zijn. Bij andere vrouwen is een implantaat alleen niet de beste oplossing en geeft een combinatie met lipofilling of een borstlift een natuurlijker en duurzamer resultaat.
Wetenschappelijke consensus en systematische reviews over implantaatselectie ondersteunen een patiënt- en weefselgerichte planning. Daarbij worden niet alleen de wens van de patiënt en het gewenste volume bekeken, maar ook de borstafmetingen, weefselkwaliteit, implantaatkenmerken en geplande pocket. Het bewijs voor één perfect selectiesysteem is niet absoluut, maar de richting is duidelijk: het implantaat moet aan de anatomie worden aangepast, niet omgekeerd. [9,10] PubMed
Tissue preservation: een waardevol principe
Motiva promoot met Preservé een laag-impactbenadering die erop gericht is de verstoring van het eigen borstweefsel te beperken. Daarbij worden specifieke instrumenten gebruikt voor gecontroleerde weefselverlenging en plaatsing van een Motiva-implantaat. De fabrikant positioneert de methode als een manier om eigen weefsel en gevoeligheid zo veel mogelijk te respecteren. [13] motiva.health
Die richting verdient erkenning. Onnodige dissectie vermijden, zorgvuldig omgaan met bloedvaten en zenuwen, het weefsel niet agressiever behandelen dan nodig en een implantaat atraumatisch plaatsen: dat zijn waardevolle chirurgische principes.
Maar tissue preservation mag geen productgedreven automatisme worden.
“Tissue preservation is een waardevol principe, maar geen vrijgeleide voor één implantaat of één techniek bij elke borst.”
Een borst met een goede huidkwaliteit, voldoende weefselbedekking en een regelmatige vorm kan geschikt zijn voor een beperkte, weefselsparende benadering. Een sterk vernauwde borst, een uitgesproken asymmetrie, een lage tepelstand of een verslapte huidenvelop kan echter een andere correctie vereisen. Soms moet weefsel gecontroleerd worden vrijgemaakt om een onnatuurlijke plooi te corrigeren. Soms is een lift noodzakelijk. Soms is lipofilling de beste manier om overgangen te verzachten.
Ik onderschrijf daarom het doel van tissue preservation, maar niet de gedachte dat natuurlijkheid automatisch gekoppeld kan worden aan één merk, één implantaatontwerp of één standaardprocedure.
Natuurlijkheid is geen eigenschap van een implantaat. Het is het resultaat van de juiste relatie tussen implantaat en lichaam.
Een implantaat verandert niet alleen; de borst verandert mee
Een langetermijnresultaat wordt niet uitsluitend bepaald door de levensduur van het implantaat. De borst zelf blijft veranderen. Zwangerschap, borstvoeding, hormonale veranderingen, gewichtsschommelingen, huidveroudering en zwaartekracht beïnvloeden het eigen weefsel rond het implantaat.
Het implantaat kan technisch intact blijven terwijl de borst erboven verslapt. Een resultaat dat na één jaar mooi is, kan na tien jaar anders ogen omdat de huid en borstklier veranderen. Dat is geen bewijs dat de oorspronkelijke operatie fout was. Het is een gevolg van levende anatomie.
De chirurg moet daar vóór de operatie al rekening mee houden. Een zeer groot of zeer zwaar implantaat kan op korte termijn indrukwekkend lijken, maar op lange termijn meer druk uitoefenen op huid, borstplooi en eigen borstweefsel. Terughoudendheid is daarom geen gebrek aan ambitie. Het is vaak een investering in duurzaamheid.
Tienjaarsstudies van specifieke implantaatseries laten zien dat een hoge patiënttevredenheid mogelijk blijft, maar tonen tegelijk dat complicaties, implantaatverwijderingen en heroperaties zich over de jaren opstapelen. Dergelijke studies zijn product- en patiëntengroepgebonden en mogen dus niet worden gelezen als een universele garantie. [8] PubMed
Geen vervaldatum
Er bestaat een hardnekkige overtuiging dat ieder borstimplantaat precies na tien jaar moet worden vervangen. Zo eenvoudig is het natuurlijk niet.
Een intact implantaat bij een vrouw zonder klachten en met een stabiel resultaat moet niet worden verwijderd. Het moet wel correct worden opgevolgd. Andersom mag iemand met klachten niet worden gerustgesteld met de mededeling dat haar implantaten “nog maar tien jaar oud” zijn. De juiste vraag is niet: hoe oud is het implantaat? De juiste vragen zijn: hoe voelt de borst, hoe ziet zij eruit, wat toont het onderzoek, wat is er veranderd en wat wil de patiënt?
Lichaam in Balans
Een zorgvuldig uitgevoerde borstvergroting hoeft niet opvallend of kunstmatig te zijn. Ze kan juist rust brengen in de lichaamsverhoudingen. Ze kan een lege bovenpool na zwangerschap herstellen, asymmetrie verzachten of een kleine borst meer in verhouding brengen met de rest van het lichaam.
Het beste compliment na een natuurlijke borstvergroting is niet dat iemand onmiddellijk ziet dat er een operatie heeft plaatsgevonden. Het is dat het resultaat vanzelfsprekend lijkt.